Hoofdmenu

Potviszaal

Welkom in de potviszaal. In deze zaal vind je een van de meest indrukwekkende objecten in het museum: het skelet van een Potvis.

Leven in de oceaan

In deze zaal staat het dier met tanden zo lang als je hand, het dier dat twee uur lang zijn adem inhouden, het hardste geluid van het hele dierenrijk maakt en is zo groot als een bus. De Potvis!

Dit skelet, 15 meter lang en 1.000 kilo zwaar, is van één van de 3 potvissen die in 1995 in Scheveningen aanspoelden. Het is een mannetje, dat nog niet volgroeid was.

De staartvin

Het potvis skelet heeft naar achteren toe steeds minder botten. In de miljoenen jaren van evolutie van landdier naar zeedier zijn het bekken en de achterpoten verloren gegaan. Het enige wat daarvan overblijft zijn de twee zwevende bekkenbotjes.

Onderaan de botten aan het staarteinde zitten uitsteeksels die chevronbeentjes heten. Die zorgen voor extra aanhechting van de pezen en banden van de staartspieren, want de gigantische staartvin, die 4,5 meter breed kan zijn, beweegt met veel kracht. De potvis stuwt zich voort met de staartvin, met een topsnelheid van 40 km per uur. De borstvinnen helpen ook mee, maar worden voornamelijk gebruikt om te sturen.

Kijk naar de botten van de borstvinnen: zie je een gelijkenis met je eigen handen? Dat komt omdat potvissen en mensen allebei zoogdieren zijn en afstammen van voorouders met voorpoten. Bij de mens zijn de voorpoten handen geworden, bij de potvis borstvinnen.

Potvisfamilies

Potvissen zijn sociale dieren. Ze leven in kuddes van vrouwtjes en jongeren. Volwassen mannetjes leven apart van de kudde, soms in vrijgezellengroepen, maar vaker alleen. Mannetjes komen bij de vrouwtjes om te paren, maar ook af en toe op sociaal bezoek. Een kudde kan tot 20 dieren bevatten, maar heeft meestal rond de 10 dieren.

Potvissen besteden 75% van hun wakkere uren aan het zoeken naar eten. De andere 25% is sociale tijd, die ze spelend, communicerend met complexe combinaties van klikgeluiden en vriendelijk tegen elkaar aan zwemmend doorbrengen.

Potvissen zijn heel trouw aan hun eigen kudde: er gaat zelden een potvis van weg. Als een lid van de kudde kwetsbaar is, zoals een jong of ziek dier, zullen de andere potvissen die in bescherming nemen, door in een kring eromheen te gaan zwemmen. Omdat dit lijkt op de bloembladen van een madeliefje heet het een Margueriteformatie. 

Organen

De potvis heeft grote organen. Het hart weegt 125 kg, de maag kan 300 kg eten tegelijk bevatten en de darmen zijn 300 meter lang. Potvissen eten ongeveer 1000 kg prooi per dag.

De bloedsomloop is aangepast aan de grote verschillen in druk bij het duiken om te jagen, tot wel 2.250 meter diep. Maar ook aan het langdurig onder water blijven, soms wel 2 uur zonder adem te kunnen halen aan de oppervlakte.

De maag heeft vier kamers. De sterke spieren van de eerste worden gebruikt om het eten te vermorzelen. Pas vanaf de tweede vindt spijsvertering plaats. Niet verteerbare delen, zoals de snavels van inktvissen, worden meestal uitgebraakt, maar soms komen ze in de darmen terecht. Daar verteren de snavels tot het zogenaamde ’grijze amber’, een afvalproduct van de potvis, dat vroeger gebruikt werd als bestanddeel in parfums! 

Jagen

Potvissen zijn een van de grootste vleeseters op aarde. Ze hebben tussen de 36 en 52 grote kegelvormige tanden in hun onderkaak. Die zijn om mee te vangen, niet om mee te kauwen, want ze hebben geen tanden in hun bovenkaak. Ze slikken hun prooi heel in.

Walvissen ademen door blaasgaten, een soort neusgaten boven op hun hoofd. Potvissen hebben één blaasgat bovenaan hun schedel, aan de voorkant. Hun andere neusgat is geëvolueerd tot een soort geluidsinstrument in hun voorhoofd waarmee ze luide kliks kunnen uitstoten, die ze weer opvangen via hun onderkaak. Om te jagen in de donkere diepte gebruiken potvissen echolocatie. De geluiden die ze kunnen produceren zijn zo hard, tot wel 235 decibel (het hardste geluid in het dierenrijk) dat die mogelijk een verdovend effect hebben op hun prooi. Handig als je prooi sneller zwemt dan jijzelf!

De kop

Een potvis heeft een stevige kop die ongeveer 1/3 van zijn totale lengte in beslag neemt. De stompe vorm wordt veroorzaakt door het spermaceti-orgaan en de meloen in het voorhoofd. Het spermaceti-orgaan is een soort zak met daarin tot 2000 liter walschot. Walschot is een wasachtige substantie, die helpt bij het maken en focussen van geluiden. Onder het spermaceti-orgaan ligt de meloen die eveneens walschot bevat tussen platen van kraakbeen. Mogelijk helpt het walschot potvissen ook om hun hersens te beschermen tegen de veranderingen in waterdruk tijdens diepe duiken. De hersens van de potvis zijn de grootste van alle dieren waarvan bekend is dat ze ooit op de aarde hebben geleefd en wegen ongeveer 8 kg.

De tuimelaar

Type:             Zoogdier uit de infraorde Cetacea (Walvisachtigen), familie Delphinidae (Dolfijnen).

Kleur:            Donkergrijs aan rugzijde. Lichtgrijs aan buikzijde.

Lengte:         Volwassen dieren: 2 tot 4 m. Pasgeboren jong: 1 m.

Gewicht:      Volwassen dieren: tussen 200 tot 550 kg. Mannetjes vaak iets zwaarder dan vrouwtjes. Pasgeboren jong: 15 tot 30 kg.

Levensduur: 50 jaar. Na 5 tot 14 jaar geslachtsrijp.

Biotoop:       Alle oceanen en zeeën met uitzondering van de poolgebieden.

Dieet:            Carnivoor. Paling, inktvissen, garnalen en diverse vissoorten.

Wist je dat: Elke tuimelaar een eigen korte combinatie van klikgeluiden gebruikt om zichzelf bekend te maken aan andere tuimelaars. Wat wij een naam zouden noemen.

Deze tuimelaar:     Volwassen dier. Gewicht skelet 10 kg.

Grijze hond

De grijze zeehond is een zoogdier uit de orde Roofdieren, familie Zeehonden. De kleur van de vacht is grijs, donkerbruin of zwart. Grijs overheerst over het algemeen. Er is wel een verschil tussen de mannetjes en vrouwtjes: mannetjes zijn donkergrijs met lichte vlekken en de vrouwtjes lichtgrijs met donkere vlekken. Waar een mannetjes zeehond ongeveer 2 tot 3 meter wordt, wordt het vrouwtje niet langer dan 2 meter. Een pasgeboren jong meet plusminus 90 centimeter en weegt 14 kilo. Na vier tot zes jaar is een zeehonf geslachtsrijp. Vrouwtjes leven aanzienlijk langer dan mannetjes; 45 jaar ten op zicht van 30 jaar. 

Grijze zeehonden leven in  de koude wateren van de noordelijke Atlantische Oceaan. Vooral langs de noordelijke oostkust van Noord-Amerika en de noordelijke westkust van Europa, inclusief de Britse Eilanden en de Oostzee. Ze komen ook voor in de Waddenzee, samen met de kleinere gewone zeehond. Ze eten graag vis zoals kabeljauw, zalm en platvissen. Af en toe ook een inktvis, bruinvis of andere zeehond. Ze jagen tot 70 m diepte en gebruiken echolocatie om hun prooi op te sporen. Ook al zijn ze zelf roofdieren, worden grijze zeehonden soms de prooi van orka’s.

Het skelet dat hangt in het museum is die van een volwassen mannetje en weegt 10 kg.

Potvisfeitjes

De potvis is een zoogdier uit de orde Walvisachtigen, familie Potvissen. Hij is donkergrijs aan de rugzijde en lichtgrijs aan de buikzijde. Mannetjes kunnen 18 meter lang worden en wegen dan ongeveer 50.000 kilo. Een volwassen vrouwtjes is zo'n 12 meter lang en weegt dan 30.000 kilo. Een pasgeboren jong is 1000 kilo bij een lengte van 4 meter. Gemiddeld wordt een potvis 70 jaar. De lengte van het dier bepaald of ze geslachtsrijp zijn. Ze komen in alle diepe oceanen voor en voeden zicht met reuzeinktvissen, pijlinktvis en vis. Een bijzonder feitje is dat de rechtop slapen, hangend in het water met de kop naar boven. 

Het skelet van de potvis dat in het museum hangt is van een jong mannetje die gestrand is in Scheveningen in 1995. Het skelet weegt 500 kilo. 

Potviszaal